Delen
Ontdek de bijbehorende producten

Voorzichtig de weg op als het pijpenstelen regent: enkele tips

 

​Rustig binnen blijven is het beste wat u kunt doen als het heel hard regent of er storm op komst is. Hebt u geen keuze en moet u toch de weg op? Lees dan onze tips. Ze kunnen u helpen uw rijgedrag zo goed mogelijk aan te passen.

Word gezien!

Als het slecht weer is, is het belangrijk dat de andere weggebruikers u goed kunnen zien.
En het is uiteraard even belangrijk dat u goed ziet. De lichten en richtingaanwijzers van
uw auto moeten dus in perfecte staat zijn.

Als het donker weer is, moet u uw dimlichten aansteken. Ook overdag als het zicht door
de slechte weersomstandigheden (regen, mist, sneeuw) beperkt is tot 200 m.

In België is het verplicht uw mistlampen achteraan aan te steken als het fel regent of als
de zichtbaarheid door mist en sneeuw beperkt is tot +/- 100 m.

Verminderen

Controleer uw banden

Het is heel belangrijk dat uw bandendruk in orde is en dat de groeven in uw banden voldoende diep zijn. Zo voorkomt u aquaplaning en verliest u de controle over uw wagen niet. Bovendien hangt de remafstand ook af van de staat van uw banden.

Controleer uw banden dus regelmatig. Gebruik daartoe een dieptemeter en meet de diepte van de groeven op verschillende plaatsen. De ideale bandendruk staat in het instructieboekje dat in uw wagen ligt.

Vergeet tot slot de ruitenwissers niet; ook deze moeten in goede staat zijn voor een goede zichtbaarheid.

Verminderen

Pas uw rijgedrag aan

Uiteraard moet u uw rijgedrag aanpassen aan de weersomstandigheden (storm of stortregen). Houd dus rekening met de volgende elementen:

  • Door het slechte weer doet u langer over uw traject.
  • Pas uw snelheid aan en houd afstand. Soms zijn de snelheidsbeperkingen op de elektronische borden nog te hoog.
  • Kasseien en klinkers zijn nog gladder als het regent.
  • Een lange periode van droogte kan het wegdek nog gladder maken door oliesporen of andere viezigheid.
  • Anticipeer op het rijgedrag van de andere autobestuurders.
  • Zet tijdig uw richtingaanwijzers aan, zodat de andere weggebruikers snel weten wat u van plan bent.
  • Als u toch zou slippen, moet u het gaspedaal onmiddellijk loslaten, (licht) op de rem drukken en bruuske bewegingen met het stuur vermijden.
  • Storm of windstoten hebben invloed op de wegvastheid van uw wagen, vooral op bruggen, viaducten en andere ‘open’ plaatsen. Wees dus dubbel voorzichtig, zeker als u met een bestelwagen rijdt.
  • Anticipeer op bochten: minder snelheid voor de bocht en draai niet hard aan het stuur.
  • Rijd zoveel mogelijk in de sporen van het voertuig voor u. Dat verplaatst immers veel water, wat uw wegligging verbetert. Houd echter wel voldoende afstand.
  • Vermijd inhalen en dan vooral bij vrachtwagens en autobussen. Deze kolossen verplaatsen massaal veel water, te veel voor uw ruitenwissers.
  • Maak geen gebruik van cruise control.
  • Als het extreem regent en uw ruitenwissers geen soelaas bieden, raden we u aan om aan de kant van de weg te gaan staan. Maar stop in geen geval op de pechstrook van een autosnelweg!
Verminderen