hoe bereid ik mijn pensioen zo goed mogelijk voor
Ontdek de bijbehorende producten

Hoe bereid ik mijn pensioen zo goed mogelijk voor?

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat heel wat Belgen niet echt meer rekenen op een goed wettelijk pensioen van de overheid. Slechts een kleine minderheid gelooft dat het wettelijk pensioen zal volstaan om na pensionering rond te komen.​

​​​ Het heft in eigen handen nemen en zelf sparen voor uw pensioen, is dan ook de boodschap.
Alleen … hoe doet u dat? Wat zijn de mogelijkheden? Volstaat pensioensparen alleen om op beide oren te kunnen slapen? Wanneer start u het best met een goede pensioenvoorbereiding? En wat zijn de fiscale gevolgen?

Allemaal vragen waarop dit artikel een antwoord probeert te formuleren.

Twee levenswijsheden – die trouwens niet alleen van toepassing zijn als het over pensioenvoorbereiding gaat – staan daarbij centraal: 

  • Vroeg begonnen is half gewonnen.
  • Leg niet al je eieren in dezelfde mand.

Vroeg begonnen is half gewonnen

Hoe vroeger u start met pensioensparen, hoe meer u de vereiste spaarinspanning kunt spreiden en hoe groter uw kapitaal op pensioenleeftijd zal uitvallen. Bovendien kunnen de interesten op het bijeen gespaarde kapitaal met de jaren ook nog eens voor een sneeuwbaleffect zorgen. Dat is de logica zelve. Een mier die een zomer lang actief geweest is om een wintervoorraadje aan te leggen, zal de barre winter makkelijker doorkomen dan een krekel, die de hele tijd vrolijke liedjes gezongen heeft zonder zich om de toekomst te bekommeren.

Jong starten met de opbouw van een aanvullend pensioenkapitaal is dan ook de beste keuze. Bent u toch al iets ouder en was uw pensioen tot voor kort een ver-van-mijn-bed-show? Dan kunt u het best de spreuk ‘beter laat dan nooit’ in het achterhoofd houden. Zelfs als vijftiger die de pensioenleeftijd al bijna aan de horizon ziet gloren, kunt u starten met een stevige pensioenvoorbereiding. Het is nooit te laat. Alleen zal het bedrag dat u dan jaarlijks opzij zult moeten zetten, iets hoger uitvallen. En het gros van uw spaarinspanningen zal misschien geen fiscaal voordeel meer opleveren omdat er maximumbedragen gelden voor formules in de tweede en de derde pijler. U zult daarom meer moeten inzetten op de vierde pensioenpijler. Wat we met die pijlers precies bedoelen, leest u hieronder.

Leg niet al je eieren in dezelfde mand

Met uw wettelijk pensioen alleen, komt u er wellicht niet. Maar zelfs als u het wettelijke pensioen combineert met pensioensparen, riskeert u om na pensionering te moeten inboeten op uw levensstandaard.

Gelukkig bestaan er maar liefst vier pensioenpijlers waarmee u uw pensioen kunt ondersteunen. Beperk u dan ook niet tot een of twee oplossingen. Een goed pensioen is gesteund op deze vier pijlers. We overlopen ze kort.

De eerste pensioenpijler

Daarmee bedoelen we het wettelijk pensioen. Hoeveel wettelijk pensioen iemand krijgt, hangt af van zijn loon, het aantal jaren dat iemand gewerkt heeft en zijn statuut (werknemer, zelfstandige of ambtenaar).

Dit wettelijk pensioen wordt uitbetaald vanaf de wettelijke pensioenleeftijd. Die ligt in België momenteel op 65 jaar, maar evolueert naar 66 jaar (vanaf 2025) en 67 jaar (vanaf 2030). Als u aan bepaalde voorwaarden voldoet, kan u ook nu nog vervroegd uw pensioen opnemen en wordt het wettelijk pensioen uitbetaald vanaf die datum. Uiteraard zal uw pensioenbedrag dan iets lager uitvallen omdat u minder lang gewerkt hebt.

Een volledig wettelijk pensioen is gebaseerd op 45 werkjaren. Hebt u minder lang gewerkt, dan wordt er een breuk toegepast. Op mypension.be vindt u een raming van het bedrag van dit wettelijk pensioen (berekend voor de wettelijke pensioendatum én voor het moment dat je eventueel op vervroegd pensioen kan).

De tweede pensioenpijler

Deze pijler wordt gevormd door aanvullende pensioenkapitalen die u als werknemer of als zelfstandige opbouwt in het kader van uw professionele loopbaan.

Voor loontrekkenden is het de werkgever of de sector die het initiatief neemt om een tweedepijlerpensioenplan op te starten. De werkgever – en in sommige gevallen ook de werknemer – stort(en) bijdragen. Deze leveren een fiscaal voordeel op voor de werkgever, maar ook voor de werknemer als die een eigen bijdrage doet.

Zelfstandigen of zelfstandige bedrijfsleiders kunnen ook een aanvullend pensioenplan afsluiten, maar ze moeten dit wel op eigen initiatief doen. Er zijn heel wat mogelijkheden.


Deze formules leveren stuk voor stuk fiscaal voordeel op voor de zelfstandige en/of de vennootschap. Er gelden daarom ook maximumbedragen. En er staat tegenover dat het kapitaal op het einde getaxeerd wordt.

Het opgebouwde kapitaal van tweedepijlerpensioenplannen wordt in principe uitbetaald op de wettelijke pensioenleeftijd. Meestal gebeurt dit onder de vorm van een kapitaal, maar u kan ook kiezen voor een levenslange rente.

De derde pensioenpijler

Met deze pijler bedoelen we individuele spaarformules die een belastingvermindering opleveren en die u op eigen initiatief neemt. Het gaat om pensioensparen en langetermijnsparen. Beide mogelijkheden leveren fiscaal voordeel op en daarom zijn er ook hier maximumbedragen.

Voor pensioensparen gelden er twee maximumbedragen: spaarinspanningen tot 990 euro leveren een belastingvermindering op van 30% ​op de gestorte premie. Wilt u meer sparen, dan kan u tot 1.270 euro storten. Dan geniet u een belastingvermindering van 25% op de gestorte premie. 

Hoeveel u op een fiscaalaantrekkelijke manier kan sparen in langetermijnsparen, hangt af van uw netto belastbaar inkomen. Voor het jaar 2021 bedraagt de maximumbijdrage 176,40 euro  + 6% van uw netto belastbaar beroepsinkomen, met een absolute bovengrens van 2.350 euro. Langetermijnsparen levert een belastingvermindering van 30% op. 

Deze maximumbedragen kunnen jaarlijks geïndexeerd worden. 

Ook hier is de keerzijde van het fiscaal voordeel, dat u rekening moet houden met een taxatie. 

Bij overlijden kunnen er successierechten verschuldigd zijn.

De vierde pensioenpijler

Naast de fiscaalvriendelijke oplossingen in tweede en derde pijler doet u er goed aan om bijkomende spaarinspanningen te doen. De eerste drie pijlers volstaan immers lang niet altijd.
De vierde pijler omvat alle spaarreserves die u opbouwt, zonder dat u daarvoor een fiscale stimulans van de overheid krijgt. Omdat er geen fiscaal voordeel verbonden is aan deze vierde pijler, bent u volledig vrij om te kiezen voor een spaarrekening, verzekeringsproducten, beleggingsfondsen, vastgoed … Er is geen vooropgestelde looptijd, dus zijn er heel veel mogelijkheden: geleidelijk aan een kapitaal opbouwen of het bestaand kapitaal laten renderen. Het kan allemaal. Er zijn geen maximumbedragen.

Hoe later u start met uw pensioenvoorbereiding, hoe belangrijker deze vierde pijler wordt, omdat er voor de tweede en de derde pijler maximumbedragen gelden.