successierechten levensverzekering
Ontdek de bijbehorende producten

Levensverzekeringen en erfbelasting in Vlaanderen

Specifieke regels inzake de erfbelasting voor echtgenoten

​​​​​​​​Heb jij of heeft je echtgenoot een levensverzekering gesloten? Zijn jullie gehuwd onder het wettelijk stelsel (dus zonder huwelijkscontract) of onder een contractueel stelsel van gemeenschap van goederen? Dan is dit artikel op jullie van toepassing!

In dit artikel bieden we jullie meer inzicht in de fiscale behandeling van je levensverzekering in het Vlaamse Gewest. Is het toch nog niet helemaal duidelijk? Vraag dan meer uitleg bij je notaris of verzekeringstussenpersoon, en neem dit document mee.​

1. Wat zijn de basisregels?​ 

Ontvang je, op het ogenblik dat je echtgenoot overlijdt of na zijn overlijden, de uitbetaling van een levensverzekering? Dan zal je daar in principe erfbelasting op moeten betalen*.

Op welk bedrag je precies erfbelasting zal moeten betalen hangt af van de wijze waarop de verzekeringspremie werd betaald:

  • Met jullie gemeenschappelijk vermogen (bv. loon)? Dan zijn belastingen verschuldigd op de helft van het bedrag.

  • Met eigen vermogen van de langstlevende echtgenoot? Dan zijn er geen belastingen verschuldigd. Dit zal je als langstlevende moeten bewijzen.
    Indien je als langstlevende een vergoeding moest betalen aan het gemeenschappelijk vermogen omdat je dit voordeel hebt gekregen én je op die vergoeding reeds erfbelasting hebt betaald, dan handelt de fiscus ook alsof de verzekering werd gefinancierd met jouw eigen gelden.

  • Met eigen vermogen van de overleden echtgenoot (bv. gelden verkregen uit een erfenis of schenking)? Dan zijn belastingen verschuldigd op het volledige bedrag.

Onmiddellijke uitbetaling

Indien je, op het ogenblik van het overlijden van je echtgenoot, de uitbetaling van de levensverzekering ontvangt, dan vormt het ontvangen bedrag het uitgangspunt voor de belastingheffing.

Geen onmiddel​lijke uitbetaling

Maar wat indien je de uitbetaling van de levensverzekering pas na het overlijden van je echtgenoot ontvangt? In dat geval moet er, volgens ons, een onderscheid gemaakt worden of er al dan niet nog premies werden gestort na het overlijden:

  • Werden er nog premies gestort? Dan moet het gedeelte van de afkoopwaarde, dat afkomstig is van deze premies, volgens ons uit het belastbaar bedrag worden gehaald.
  • Werden er geen premies meer betaald? Dan zal VLABEL** zich, voor de belastingheffing, volgens ons, in principe baseren op het bedrag dat je hebt ontvangen op de dag van de uitbetaling (het is mogelijk dat je belast wordt op het bedrag dat dit vertegenwoordigde op het ogenblik van het overlijden – VLABEL is niet eenduidig op dit vlak). Voor levensverzekeringen die gekoppeld zijn aan beleggingsfondsen (bv. tak 23) baseert VLABEL zich op de waarde op de dag van het overlijden, zodat latere waardeschommelingen buiten beschouwing blijven.


* op voorwaarde dat de eigen vermogen van de echtgenote een rechtsreeks voordeel heeft gekregen (wat meestal het geval is).
** VLABEL: de Vlaamse Belastingsdienst, een agentschap van de Vlaamse overheid dat instaat voor een aantal belastingen waarvoor het Vlaams Gewest bevoegd is.

 

 2. Een concreet voorbeeld

Laten we er een concreet voorbeeld bij halen. Anna heeft een levensverzekering afgesloten op haar eigen hoofd. Met andere woorden: zij is verzekeringnemer (A) én verzekerde (A). Anna heeft haar echtgenoot Bob aangeduid als begunstigde bij overlijden (B), hij zal de uitbetaling van een kapitaal ontvangen als Anna overlijdt. Anna heeft de premies betaald met haar loon, wat geldt als gemeenschappelijk vermogen.

We spreken hier dus van een verzekering van het type AAB. Dit is de meest klassieke formule, heel wat spaar- en beleggingsverzekeringen hebben deze samenstelling.

  • Scenario 1: Anna overlijdt als eerste

Door het overlijden van Anna, de verzekerde, betaalt de verzekeraar het kapitaal van de verzekering of de verzekeringsprestatie aan de begunstigde echtgenoot Bob. Aangezien de verzekering werd gefinancierd met gemeenschappelijk vermogen, moet Bob erfbelasting betalen op de helft van het ontvangen bedrag in de nalatenschap van Anna.

  • Scenario 2: Bob overlijdt als eerste

De verzekering loopt verder, aangezien verzekerde Anna nog leeft. De begunstiging aan Bob kan gezien zijn overlijden geen uitwerking meer krijgen.

  • Wat als Anna een nieuwe of een subsidiaire (vervangende) begunstigde aanduidt, bijvoorbeeld hun zoon Cas?

    Bij het overlijden van Anna betaalt de verzekeraar de verzekeringsprestatie aan Cas. Cas zal erfbelasting moeten betalen op het totale bedrag in de nalatenschap van Anna.
  • Wat als Anna geen nieuwe of een subsidiaire begunstigde heeft aangeduid?

    Bij het overlijden van Anna betaalt de verzekeraar de verzekeringsprestatie aan de nalatenschap van Anna. De erfgenamen van Anna zullen erfbelasting moeten betalen op het door hen ontvangen bedrag in de nalatenschap van Anna.
  • Wat als Anna de verzekering deels of geheel afkoopt, de reserves overdraagt naar een ander contract of, bij een verzekering van bepaalde duur, later het kapitaal leven ontvangt?

    Anna zal in al deze gevallen een bijvoeglijke aangifte moeten indienen in de nalatenschap van Bob. Indien Anna bij het overlijden van Bob al erfbelasting betaalde op een vergoeding aan het gemeenschappelijk vermogen, betaalt Anna geen erfbelasting meer op de ontvangen bedragen. Dit is enkel mogelijk indien Anna en Bob geen gemeenschappelijke (klein-)kinderen hebben. Indien er geen sprake was van een reeds belaste vergoeding, dan betaalt Anna erfbelasting op de helft van de bedragen.


Ben je op zoek naar een voorbeeld van een levensverzekering van het type ABA, waar een verzekeringnemer (A) een levensverzekering heeft afgesloten op het hoofd van iemand anders (B), maar waar de verzekeringnemer ook de begunstigde bij overlijden (A) is? Dan vind je die terug in de bijgevoegde nota.

Het belang van een bijvoeglijke aangifte​

Wat is een bijvoeglijke aangifte? 

Voor levensverzekeringen is een aanvullende aangifte mogelijk voor afgekochte, getransfereerde of uitgekeerde bedragen op het einde van het contract. Dit gebeurt via het formulier 'Nieuwe aangifte van een nalatenschap', maar betekent dus niet dat je een volledig nieuwe aangifte moet indienen. Je vindt het formulier op de website van VLABEL (http://belastingen.vlaanderen.be/formulieren-erfbelasting) of je richt je hiervoor tot je notaris.​

Boetes bij niet of laattijdige indiening van aangifte 

Als belastingplichtige moet je de bijvoeglijke aangifte binnen de vier maanden na afkoop, transfer of uitkering indienen. Het niet of laattijdig indienen van een aangifte wordt bestraft met een boete onder de vorm van een belastingverhoging tot 20% op de berekende erfbelasting op de verzekeringsprestaties.

Het komt echter voor dat er, na het overlijden van een persoon, verschillende achtereenvolgende gedeeltelijke afkopen gebeuren, soms zelfs op maandelijkse basis.

VLABEL erkent dat het dan praktisch moeilijk haalbaar kan zijn om telkens een bijvoeglijke aangifte in te dienen. Ze tolereert daarom dat je alle gedeeltelijke afkopen die je tijdens het lopende jaar deed, groepeert in één bijvoeglijke aangifte, die je uiterlijk binnen de maand na de verjaardag van het overlijden van de erflater indient. Op deze aangifte zal VLABEL geen belastingverhoging wegens laattijdige indiening heffen.

 

Dit artikel geeft de situatie weer zoals deze gold op 1 februari 2020, met voorbehoud voor wijzigingen door latere wetgeving, rechtspraak en/of standpunten van de fiscale administratie.​